Zorgroute

Zorgroute

 

Waar gaat het over?

In het vorige schoolkrantartikel “Info” ging het over de invoering van Passend Onderwijs in het reguliere basisonderwijs (zie ook www.fonteinsleen.nl  - info).  Om passend onderwijs  te realiseren moet er in de toekomst een uitgebreidere afstemming van het onderwijs plaatsvinden op wat een kind nodig heeft. Dit geldt voor alle kinderen die een school bezoeken. Om  misverstanden te voorkomen: er zullen altijd kinderen blijven die niet voldoende begeleid kunnen worden binnen het reguliere basisonderwijs. Voor hen blijft er speciaal (basis-) onderwijs.

Voor het bereiken van de genoemde afstemming zullen scholen en samenwerkingsverbanden Weer Samen Naar School onder meer hun systeem van leerlingbegeleiding moeten aanpassen. Hiervoor is een werkmodel ontwikkeld, genaamd “1- zorgroute”.

De 1-zorgroute kan worden gezien als een invulling van passend onderwijs. Het is een belangrijk onderdeel in het hele traject. Het houdt in dat er binnen scholen en binnen een regio een uniform en voor iedereen een duidelijk zorgtraject wordt opgebouwd. Een belangrijk verschil is dat tot nu toe per kind een speciaal begeleidingstraject wordt uitgevoerd, b.v. een individueel handelingsplan.  In het kader van de 1-zorgroute zullen begeleidingsvragen worden geclusterd en door het werken met  groepsplannen worden beantwoord. In speciale gevallen zal er nog met een individueel handelingsplan worden gewerkt.

 De 1-zorgroute beslaat drie niveaus: groep, school en regio.

 De leerkracht in de groep werkt handelingsgericht met groepsplannen. Uitgangspunt zijn de onderwijsbehoeften van de leerlingen. Op basis hiervan wordt een clustering in subgroepen gemaakt. Het werken met individuele handelingsplannen zal hierdoor minder vaak voorkomen,  alleen in specifieke situaties.

Het schoolniveau is gericht op de ondersteuning van het handelingsgerichte werken van de leerkracht. De interne begeleider organiseert in de school groeps- en leerlingbesprekingen die tot doel hebben om het onderwijs af te stemmen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen.
Op regioniveau gaat het er om dat alle deskundigen inhoudelijk en procesmatig hun plek in de zorgroute krijgen. Dat geldt bijvoorbeeld voor orthopedagogen, psychodiagnostici of ambulante begeleiders. Hun bijdrage moet gericht zijn op het ondersteunen van het handelingsgerichte werken van de leerkracht.

In de regio wordt ook de samenwerking met instellingen buiten de school gestalte gegeven. Alle signalen vanuit het onderwijs moeten hun weg vinden naar een ZorgAdviesTeam (ZAT) en het Centrum voor Jeugd & Gezin (CJG). Vanuit (of via) deze organen zullen de onderwijs- en zorgarrangementen worden toegekend.

 

Uitgangspunten 1 - zorgroute

De 1-zorgroute is gebaseerd op een tiental uitgangspunten. Deze vormen de rode draad in de inhoud en het proces van de 1-zorgroute.

1. Alle leerlingen hebben zorg en begeleiding nodig

Onderwijs = zorg = begeleiding. Dit houdt in dat begeleiding voor iedere leerling beschikbaar is. Elke leerling verdient het om een aantal keren per jaar gericht te worden bekeken om te zien of hij iets anders nodig heeft dan het standaardaanbod.

2. Proactief denken en handelen

In plaats van terug te kijken (en naar wat er mis is gegaan), kijken we vóóruit. Als we weten wat we willen bereiken met een leerling, weten we ook wat hij, gegeven de sterke en de  belemmerende factoren, nodig heeft om daar te komen.

 

3. Denken vanuit onderwijsbehoeften

In de 1-zorgroute staat dit denken centraal. Wat heeft een leerling nodig om het volgende doel te bereiken? Dit uitgangspunt gaat uit van een pedagogisch optimisme.

4. Werken met groepsplannen

Een leerkracht staat altijd voor een groep. In een groepsplan staan de leerlingen in subgroepen gegroepeerd. Hierdoor is een grote mate van overzicht. Meer dan als er met individuele handelingsplannen wordt gewerkt.  

5. Stimulansen voor effectief onderwijs en de zorgstructuur

Door systematisch handelingsgericht te werken met groepsplannen vallen al snel hiaten in het onderwijs of de zorgstructuur op. Dit zijn uitdagingen die kunnen leiden tot beter onderwijs en een betere zorgstructuur.

6. Eenduidigheid, helderheid en afstemming

De 1-zorgroute staat een eenduidige, duidelijke en op elkaar afgestemde zorgroute voor. Alle betrokkenen in een school en in een samenwerkingsverband spreken in dezelfde taal en hebben een heldere en duidelijk taak.

7. Ouders zijn een belangrijke partner

De school verzorgt niet alleen onderwijs. De ouders zijn medeopvoeders. Zij hebben een eigen kijk op hun kind en kunnen een zinvolle bijdrage leveren aan het onderwijsproces dat op school plaatsvindt.

8. Registratie van het onderwijsaanbod

Werken met groepsplannen houdt in dat het onderwijs aan alle leerlingen wordt geregistreerd. Op elk moment is de schoolontwikkeling van elke leerling terug te halen.

9. Aandacht voor instroom en uitstroom

De basisschool staat niet alleen. In de 1-zorgroute wordt getracht samen te werken met VVE, VO en andere basisscholen teneinde leerlingenverplaatsingen soepel en in dezelfde taal te laten verlopen.

10. Bovenschoolse samenwerking 

Om onderwijsbehoeften te onderkennen en om daarop een goed aanbod te kunnen bieden is samenwerking met bovenschoolse partners van belang. Denk dan aan een zorgadviesteam, een centrum voor jeugd & gezin, de jeugdzorg, de jeugdgezondheidszorg, enzovoorts. De 1-zorgroute streeft deze samenwerking na.

 

De Fontein

Is de hiervoor beschreven aanpak totaal nieuw voor onze school? Dat is niet het geval, want een aantal elementen passen wij – het ene in meer en het andere in mindere – mate reeds toe. Voorbeelden hiervan zijn:

 

  • de groeps- en leerlingbesprekingen: drie keer peer schooljaar voert de interne begeleider deze gesprekken met de leerkrachten,
  • het in kaart brengen van de hulpvraag van een kind: dit is al een paar jaar een belangrijk element van onze groeps- en leerlingbesprekingen; we volgen daarbij een handelings- en oplossingsgerichte werkwijze, die gericht is verandering van leerkrachtgedrag,
  • we werken al met groepsplannen voor bepaalde gebieden ( b.v. spelling),
  • we gebruiken het leerlingvolgsysteem van het Cito e.a. om de sociaal-emotionele en de leerontwikkeling van de kinderen (landelijk) genormeerd bij te houden,
  • na analyse van de opbrengsten uit het leerlingvolgsysteem stellen we ons aanbod onze werkwijze bij wanneer dat nodig blijkt.

 

In het schooljaar 2010 / 2011 gaan we onder  begeleiding van ons samenwerkingsverband WSNS te Emmen verder met de invoering van 1 – zorgroute. Het team wordt dan hierin verder geschoold.   

 

                                                                                                      Fokke Dijkstra,  maart 2010