|
Inleiding
Een goed pedagogisch klimaat is een belangrijke voorwaarde voor een evenwichtige ontwikkeling van het kind. Daarom vinden we het belangrijk om zorgvuldig en ruimschoots aandacht te schenken aan het pedagogisch schoolklimaat.
Aandacht voor het welbevinden van de kinderen is op school net zo belangrijk als thuis.
Kinderen doen dagelijks heel veel indrukken op, zowel buiten als tijdens schooltijd. Ze staan bloot aan positieve en negatieve invloeden.
Belangrijk is dat we het persoonlijk welbevinden, in wisselwerking met een gunstig pedagogisch klimaat op school en thuis, zien als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van leerkrachten, ouders én niet te vergeten de kinderen zelf.
Die verantwoordelijkheid noopt tot het maken en nakomen van bepaalde afspraken binnen de school, allereerst ter voorkoming van, maar ook om te komen tot een zorgvuldige en effectieve aanpak van intimiderend gedrag.
Intimiderend gedrag
Letterlijk betekent het begrip: schrik- en angstaanjagend gedrag naar anderen.
We bedoelen het gedrag van volwassenen en kinderen dat anderen bang maakt en een onveilig gevoel geeft.
Voorbeelden zijn: pesten, agressief gedrag, seksuele intimidatie, verbaal en
lichamelijk geweld, dreiging, discriminatie.
Beleid
We richten ons, zoals eerder vermeld, in eerste instantie op de preventieve benadering: wat doet de school ter bevordering van positief en ter voorkoming van negatief gedrag.
De school hanteert hierbij de 'Code tegen discriminerend gedrag' (NPCS-model).
Soms, om welke reden ook, is die benadering niet toereikend. Daarom hebben we ook afspraken die zijn bedoeld voor een effectieve aanpak van vóórkomend intimiderend gedrag.
Preventie
In de preventieve sfeer voeren we het volgende beleid:
· Informatie verstrekken over het gedrag van kinderen en over de factoren die van invloed zijn op dat gedrag tijdens ouder- en contactavonden, via de schoolkrant of de nieuwsbrief, door middel van brochures en van 'prikbordinformatie'.
· Informatie verschaffen aan de kinderen (aangepast aan het niveau) over intimiderend gedrag d.m.v. lespakketten, kringgesprekken, verhalen e.d..
Het gaat dan over
a) de verschillende vormen,
b) de oorzaken en de gevolgen van dit gedrag.
· Het scheppen van een pedagogisch klimaat waarin kinderen zich veilig voelen. Dat houdt in dat:
a) leerkrachten zich bewust zijn en/of worden van hun voorbeeldgedrag,
b) (kring-)gesprekken worden gehouden over:
- het welbevinden van de leerlingen,
- het leefklimaat op school,
c) leerkrachten voor aanvang van de school in de lokalen zijn om:
- de kinderen op te vangen,
- met een kind afzonderlijk te kunnen praten,
- ouders de gelegenheid te geven om korte mededelingen te doen of, indien nodig, een afspraak voor een gesprek te maken,
d) leerkrachten tijdens de pauzes op het plein zijn,
e) leerkrachten kinderen alleen aanraken om ze te troosten en te complimenteren (schouderklopje), of letterlijk te ondersteunen (b.v. bij een ongeval),
f) leerkrachten tijdens het verkleden bij sport en soortgelijke situaties alleen in de kleedkamer zijn, wanneer:
- er een groep kinderen aanwezig is,
- zij de deur open laten,
- zij daar maximaal tien minuten blijven,
g) de methoden 'Trefwoord' en ‘Sociale Talenten’ worden gebruikt om:
- kinderen bewust te maken van waarden als dienstbaarheid, respect voor
de ander, weerbaarheid, eerlijkheid, openheid, oprechtheid en betrouwbaarheid,
- het bovenstaande in praktijk te brengen,
- hun gedrag positief te beïnvloeden, in het perspectief van de genoemde waarden.
h) de nadruk wordt gelegd op de beloning van positief gedrag, als aanzet tot meer positief
gedrag en ter vermijding van negatief gedrag,
i) gedragsafspraken en -regels zoveel mogelijk samen met de kinderen worden gemaakt
en de noodzaak ervan wordt uitgelegd,
j) kinderen zo mogelijk worden aangespoord zelf oplossingen te bedenken in
problematische situaties,
k) situaties van intimiderend, maar ook van positief gedrag in de groep aan de orde
komen d.m.v. rollenspelen, drama, spelvormen, op momenten dat deze in de praktijk
niet voorkomen,
l) aandacht in de groep (of een groepje) wordt besteed aan daadwerkelijk intimiderend
gedrag met daarbij de nadruk op de oplossing en het voorkómen van dit gedrag,
m) kinderen leren samenspelen en -werken bij zowel onderwijstaken als andere
opdrachten (opruimen b.v.),
n) er voldoende en geschikt spelmateriaal aanwezig is voor de pauzes, zodat kinderen
voldoende worden uitgedaagd om te gaan spelen.
Aanpak
Bij de aanpak van intimiderend gedrag gelden de volgende afspraken:
· Vijfsporenaanpak
In situaties waarbij kinderen herhaaldelijk worden geplaagd of gepest kiezen we voor de zgn. 'vijfsporenaanpak' die ontleend is aan het 'Nationaal onderwijsprotocol tegen pesten'. Die aanpak houdt het volgende in:
1. Hulp bieden aan het gepeste kind in de vorm van gesprekken en gedragsadviezen en
-afspraken, eventueel gevolgd door een sociale vaardigheidstraining.
2. Hulp geven aan de pester door het voeren van een gesprek, het bewust maken van
zijn / haar gedrag en de consequenties daarvan en het maken van gedragsafspraken,
eventueel gevolgd door een sociale vaardigheidstraining.
3. De leerkracht gaat in gesprek met de groep, vraagt in eerste instantie welke
oplossingen de groep zelf heeft, maakt afspraken en komt daar vervolgens regelmatig
op terug. Ook degenen die zwijgen, zijn medeverantwoordelijk voor het pesten en
dienen, voorzover mogelijk, een bijdrage te leveren aan de verbetering van de
situatie.
4. De leerkracht gaat bij zichzelf te rade wat zijn of haar bijdrage kan zijn: verandering
van opstelling m.b.t. de pester, de gepeste en de groep, het zoeken van
achtergrondinformatie bij het voorkomend gedrag (signalen, oorzaken, gevolgen). Hij
kan hierbij worden ondersteund door de interne begeleider en/of de
collegaleerkrachten. Bespreking in het team via de incidentmethode behoort ook tot
de mogelijkheden.
5. Zowel de ouders van het gepeste kind, als van de pester, worden op de hoogte
gehouden van de voortgang van de aanpak. Ze krijgen eventueel adviezen of worden
verwezen naar hulpinstanties. De leerkracht maakt met hen afspraken over de
begeleiding van het kind op school en thuis en houdt regelmatig contact.
· Hoor en wederhoor
Bij alle vormen van intimiderend gedag wordt onder begeleiding van de leerkracht 'hoor en wederhoor' toegepast en worden kinderen gestimuleerd zelf oplossingen te bedenken. De leerkracht kan oudere kinderen zelfs voor een bepaalde tijd alleen laten 'om er samen uit te komen'. De leerkracht bewaakt de gemaakte afspraken en informeert naar de naleving ervan, totdat het probleem is opgelost.
· Bespreking in de groep
Naar aanleiding van voorkomend negatief gedrag kan de leerkracht met de groep afspraken maken (of de groep bedenkt die zelf!) om de situatie te verbeteren.
De leerkracht bewaakt ook hier het hele proces en maakt de kinderen nadrukkelijk
bewust van de positieve effecten.
· Pleinwacht
Op het plein is tijdens de pauze een leerkracht aanwezig, zodat hij in geval van ontoelaatbaar gedrag zich gelijk op de hoogte kan stellen en kan beoordelen op welke manier hij ingrijpt.
· Signalen van ouders
Signalen van ouders worden serieus genomen want de leerkracht ziet natuurlijk niet alles. Het is ter beoordeling van de leerkracht hoe gereageerd gaat worden op even- tuele signalen. Bij ingrijpende situaties worden betrokken ouders op de hoogte gesteld.
· Signalen van buiten de school
De leerkracht beoordeelt, eventueel na teamoverleg, of deze signalen van negatief gedrag met het kind zelf en/of met de groep en/of met de ouders worden besproken.
De leerkracht bewaakt en informeert naar eventueel gemaakte afspraken, totdat de klachten / signalen zijn opgelost.
Klachten
Klachten en signalen worden in eerste instantie bij de leerkracht gemeld. Als dit niet mogelijk blijkt, kan een klacht worden neergelegd bij de directeur.
Daarna zijn er mogelijkheden dat achtereenvolgens te doen bij de contactpersoon van de school, bij de contactpersonen van de schoolcommissie en van de schoolvereniging, bij de vertrouwenspersooon en bij de landelijke klachtencommissie. De te volgende procedure is op school aanwezig en staat beschreven in de schoolgids.
Instanties
Op school is informatie verkrijgbaar over verschillende instanties die zich met begeleiding en opvoeding van kinderen in alle leeftijden bezighouden, op plaatselijk, gemeentelijk, regionaal en landelijk niveau.
|