Kindbegeleiding
Met de term ‘kindbegeleiding’, ook wel ‘leerlingbegeleiding’ genoemd, worden alle onderwijsactiviteiten bedoeld die, bij wijze van spreken, een passend antwoord geven op begeleidingsvragen van kinderen. Dit zijn antwoorden op het terrein van gedrag en leren. De leerlingen worden hierbij als groep, groepje of individueel benaderd.
|
Hieronder volgt een beschrijving van een aantal instrumenten en werkwijzen die wij inzetten en gebruiken bij de kindbegeleiding. Het gaat om de onderwerpen groepsbespreking, leerlingbespreking en kindbespreking, begeleiding van begaafden en dyslexieprotocol.
Groepsbesprekingen De interne begeleider bespreekt drie à vier keer per schooljaar de voortgang van de groep met de betreffende leerkracht. De kinderen met een groeps- of handelingsplan worden uitgebreid besproken en de anderen kort. De groeps- en handelingsplannen worden geëvalueerd en bijgesteld voor de volgende periode. Ook worden de resultaten van het CITO-leerlingvolgsysteem besproken en wordt de aanpak op groeps- of op individueel niveau aangepast. De groepsbesprekingen vinden dus niet in teamverband plaats, maar tussen de i.b.-er en de leerkracht.
Kindbespreking Voor sommige kinderen wordt na de groepsbespreking de methode van de ‘kindbespreking’ toegepast om beter zicht te krijgen op de hulpvraag en de bijbehorende aanpak. Deze bespreking verloopt volgens de procedure van de zgn. HandelingsGerichte ProcesDiagnostiek (HGPD). Dit is dus afhankelijk van de hulpvraag van het kind. De kindbespreking vindt plaats tussen de interne begeleider en de leerkracht. In sommige situaties worden ouders ook uitgenodigd voor een dergelijk gesprek. Kies voor meer informatie over HGPD in de siterubriek Info de ‘knop’ HGPD.
Leerlingbesprekingen Een leerling kan, naar aanleiding van een groepsbespreking of direct op aangeven van de leerkracht en de interne begeleider , ook op de teamvergadering worden besproken volgens de zgn. incidentmethode. Er wordt dan in breder verband nagedacht over een passende begeleiding voor het kind. Een deel van de leerlingbespreking wordt besteed aan verhelderingsvragen over en toelichting op de hulpvraag. Het andere deel van de bespreking is oplossingsgericht: alle teamleden denken mee en dragen suggesties aan voor een passende begeleiding. De leerkracht bij wie het kind in de groep zit, kiest hieruit een bepaalde aanpak. Bovendien worden eventuele gevolgen van een bepaalde aanpak teambreed besproken en gedragen. Niet alle kinderen met speciale begeleidingsvragen komen dus in de leerlingbespreking: dat is ook niet nodig. Vaak komen leerkrachten, i.b.-er (en ouders!) er samen wel uit.
Begeleiding van begaafden Onze school beschikt over een notitie “Begaafdenbeleid” die als leidraad dient voor de begeleiding van begaafde(-ere) kinderen. Enkele aandachtspunten uit dit beleid zijn, dat we :
(onderwerpen op niveau kiezen die hen interesseren),
(deze kinderen leren kritisch naar hun eigen werk te kijken en de zwakke kanten als uitdaging te zien die ze kunnen verbeteren),
(regelmatig inventariseren we welke geschikte materialen we al in school hebben en welke we eventueel willen aanschaffen),
(dat betekent dat we het kind uitdagende lesstof op zijn niveau aanbieden, zodat hij sociaal-emotioneel gezien aansluiting houdt bij de jaargroep
(ook het werk van begaafde kinderen dient er verzorgd uit te zien en van voldoende niveau te zijn).
Hoewel begaafde(-re) kinderen vaak met minder begeleiding toe kunnen, geven we hen op deze manier de begeleiding die bij hen past.
Dyslexieprotocol Lezen is een ontzettend belangrijke voorwaarde voor leren. Wetenschappelijk onderzoek leert/bevestigt dat aanvankelijk zwakke lezers hun hele schoolloopbaan moeite blijven houden met het lezen en soms hierdoor een leerachterstand oplopen. Echter is ook door onderzoek bewezen dat door een goede begeleiding in veel gevallen (een deel van) die achterstand kan worden weggewerkt. Om de (ook: voorbereidende) leesontwikkeling van kinderen goed in kaart te brengen en voldoende handelingssuggesties ter beschikking te hebben om het verschil in leesontwikkeling (t.b.v. zowel een versnelde als een vertraagde ontwikkeling) goed te begeleiden, maken we gebruik van het zgn. dyslexieprotocol. Dat is een geheel van in tijd uitgezette observaties, registraties en toetsen van de leesontwikkeling in de voorbereidende (kleuter-), in de aanvankelijke (gr. 3/4) en in de voortgezette fase (gr. 5 t.m.8). Als er vroegtijdig voorsprongen en achterstanden worden gesignaleerd, kunnen we gebruik maken van bepaalde programma’s en oefeningen voor een passende begeleiding. Onze school werkt met twee dyslexieprotocollen: één voor de onder- (gr. 1 t.m.4) en één voor de bovenbouw.
Met behulp van de genoemde instrumenten en werkwijzen willen we een professionele begeleiding van de leerlingen realiseren. Deze worden toegepast binnen het kader van de brede ontwikkeling van het kind, dus altijd gericht op zijn welbevinden en op een succesvolle ontwikkeling die het beste bij hem past.
Fokke Dijkstra, jan. 2010 |